was geweest om voor de drie kinderen te zorgen, terwijl ik bier zat te drinken.”
‘Je zei dat ik moest uitgaan. Je gaf me geen schuldgevoel en klaagde niet. En ik realiseerde me dat ik om één uur ‘s nachts thuis zou komen zonder ook maar iets voor je mee te nemen.’
“Dus je vroeg om haar lasagne?”
Hij keek beledigd.
“Nou, dat klinkt vreselijk als je het zo zegt.”
“Hoe moet ik het anders zeggen?”
“Ik vroeg of ik er wat voor je mee naar huis mocht nemen. Ze